Kwartier – volgens de Van Dale “een tijdseenheid van vijftien minuten”, maar ook “een wijk of buurt in een stad”. Tijd én ruimte in één woord. Volgens de Frans-Colombiaanse stadsdenker Carlos Moreno is het niet zomaar een woord, maar een leidraad om onze steden te herdenken als 15-minutensteden. Zijn stelling: steden moeten zich opnieuw aanpassen aan het ritme van de mens, in plaats van andersom. Door ervoor te zorgen dat bewoners binnen een kwartier wandelen of fietsen toegang hebben tot alles wat ze nodig hebben – werk, zorg, school, cultuur, ontspanning – wordt niet alleen mobiliteit hertekend, maar vooral de manier waarop we samenleven.
Vandaag zit onze planologische toolbox echter nog vol verouderde reflexen: gewestplan-denken, een rigide vergunningenkader, ruimtelijke zonering. Ze zijn niet ontworpen om nabijheid te faciliteren. Decennia van functiescheiding en projectgedreven planning hebben geleid tot een ruimtelijke structuur die overmatig veel mobiliteit vereist. We wonen hier, werken daar, winkelen elders. Dat model laat sporen na: steden vol auto’s, dorpen met te weinig voorzieningen, kilometers lintbebouwing, publieke ruimte die dienst doet als parkeerplek. Hierdoor zijn mensen gemiddeld één dag per week “onderweg”. En wie geen auto heeft, blijft letterlijk achter. Net als het openbaar vervoer, dat in een versnipperde wereld vaak te duur én te complex is geworden.
We smossen zo niet alleen met onze ruimte, maar ook met onze tijd. Zoals Jon Yates treffend beschrijft in Fractured (2021), leidt het feit dat we steeds meer onderweg zijn tot een sluipend verlies aan sociale samenhang. Hoe meer tijd we doorbrengen in de auto, hoe minder tijd er overblijft voor wat hij noemt “the slow work of building connection”.
Het is een paradox: we leven in dichtbevolkte regio’s, en toch voelen veel mensen zich geïsoleerd. Niet omdat ze te ver van anderen wonen, maar omdat onze stedelijke logica ontmoeting niet faciliteert. Wie na een werkdag van anderhalf uur pendelen thuiskomt, gaat niet snel nog naar de repetitie van het buurtkoor, de vergadering van de ouderraad of de training van de lokale sportclub. Engagement botst op tijdsdruk. Gemeenschapszin botst op infrastructuur – én op schermkleven.
Daarom is de 15-minutenstad niet alleen een leidraad voor mensgerichte stadsontwikkeling, maar ook een sociaal model. Door wonen, werken, zorgen en ontspannen terug te brengen naar de schaal van de wijk, ontstaan opnieuw ritmes waarin verbinding mogelijk wordt. In een kwartierwijk wordt de straat weer een plek van ontmoeting, niet enkel van passage. Ze geeft een buurt opnieuw een eigen smoel.
Om dit model ruimer door te trekken, moeten we steden niet enkel verdichten, maar ook polycentrisch leren denken: de stad als een netwerk van kwartierwijken. Geen stad met één centrum en een uitgestrekte periferie, maar een mozaïek van deelgebieden, elk met een eigen identiteit en voorzieningen. Dat is cruciaal, zeker in grotere steden of gemeenten met veel deelkernen.
Polycentrische steden zijn bovendien veerkrachtiger. Ze spreiden functies, verminderen de verplaatsingsbehoefte, verhogen de leefkwaliteit en zorgen ervoor dat mensen zich niet alleen thuis voelen ín de stad, maar vooral ín hun eigen wijk.
Tussen visie en werkelijkheid ligt helaas vaak de weerbarstige realiteit. Ook voor de 15-minutenstad. De ambities botsen op een kluwen van bestaande regelgeving, vastgeroeste ruimtelijke reflexen, versnipperde bevoegdheden en ongewenste neveneffecten.
Daarom is er een fundamenteel ander denkkader nodig, met een duidelijke focus op mensgerichte buurten: minder hokjes, meer context. Dat betekent ook: lokale ontwikkelingsvisies, buurtgerichte vergunningen, ontwerpend en participatief beleid. Geen copy-paste van Parijs naar Vlaanderen, maar maatwerk voor elk kwartier. Dat vergt fundamentele keuzes over ruimtegebruik, infrastructuur en investeringsprioriteiten – en vooral ook bestuurlijke integratie: samenwerking tussen disciplines en beleidsniveaus. Het vraagt planners met een maatschappelijk hart, ontwerpers met oog voor ritme en nabijheid, en beleidsmakers die ruimte durven te zien als meer dan een economisch verdelingsvraagstuk.
Het vraagt ook om een woonbeleid met focus op woonzekerheid en inclusie. Zonder die garanties riskeren we dat kwartierwijken worden gereduceerd tot vastgoedstrategieën die alleen voor de middenklasse haalbaar zijn. Stijgende prijzen, speculatie en een tekort aan betaalbare woningen maken dat ‘nabijheid’ dreigt omgezet te worden in luxe en exclusiviteit.
En last but not least: de transitie naar kwartierwijken vraagt – letterlijk én figuurlijk – om kwartiermakers. Lokale bestuurders, ondernemers, ontwerpers en burgers die samen nadenken over een ander gebruik van ruimte. De betrokkenheid van de buurt is daarbij geen laatste stap, maar een beginvoorwaarde. Kwartierwijken vragen om eigenaarschap, om lokale kennis en om samenwerking. Mensen maken de stad.
Wat op het spel staat, is niet alleen ruimte. Het is tijd. Onze tijd. De 15-minutenstad gaat over efficiënter leven, maar vooral over rijker en ook eerlijker leven. Over het ritme van mensen – niet van systemen. Over minder moeten en meer kunnen. Over ruimte die niet enkel functioneel is, maar ook emotioneel: plekken waar we ons thuis voelen.
De echte vraag is dus niet of de 15-minutenstad haalbaar is. De vraag is: durven we anders naar onze omgeving kijken? Durven we loslaten wat ons bindt aan een verouderd model? En durven we bouwen aan steden die niet alleen draaien, maar bruisen?
Is de stad van nabijheid dichtbij of nog veraf?
Marc Schepers is ex-schepen van ruimtelijke ordening van de stad Hasselt. Maar het ondernemersbloed kruipt waar het niet gaan kan. Na afronding van zijn mandaat eind 2024, heeft Schepers zijn jarenlange en specifieke ervaring gebundeld en gestroomlijnd. In zijn nieuwe onderneming KeyMotion brengt hij met zijn team, ondernemers en overheid samen met oog op het ontwikkelen van vernieuwende stedelijke innovatietrajecten in de domeinen mobiliteit en omgeving. Onderdeel hiervan is de begeleiding van lokale besturen in hun maatschappelijke ambitie rond betaalbaar wonen en de toepassing van het Hasseltse koopwoonmodel. Meer info: www.keymotion.be of contact@keymotion.be.