Doorzoek volledige site
08 november 2017

De Praatstoel: Dirk Driesmans (Q-BUS Architectenbureau)

Campus Mater Dei Illustratie | Q-BUS
Kantoor Q-BUS Illustratie | Q-BUS
Chevron Philips Chemicals International Illustratie | Q-BUS

"Behalve ontwerper, is een architect vooral de gids doorheen het bouwproces." De basis van de interessante visie van Q-BUS architectenbureau uit Lummen.  Zaakvoerder Dirk Driesmans neemt plaats in de Praatstoel!

Over welke eigen gerealiseerde projecten ben je het meest fier en waarm?

Het nieuwe schoolgebouw voor de afdelingen kunst en wetenschap op campus Mater Dei in Overpelt. Dit project  is een goed voorbeeld van mijn stelling dat creativiteit soms ontstaat uit de beperking. In dit geval was het bouwprogramma tamelijk ambitieus, het budget eerder uitdagend en de stabiliteit van de ondergrond een zorgenkind. Maar door creatieve keuzes te maken, in combinatie met technische kennis, realiseerden we een comfortabel en opvallend hedendaags gebouw, dat ook nog eens energiezuinig is. En dat voor een bouwkost onder € 1.000 /m² excl. btw !

En ons eigen passiefkantoor dat we in 2015 hebben gebouwd. Het is een synthese van onze architectuurvisie, van onze visie op comfort en energiezuinigheid, van onze technische kennis en onze capaciteiten om veel waar voor geld te creëren. Vermoedelijk zijn er niet veel kantoorgebouwen die op deze wijze zijn geconcipieerd en die dergelijke prestaties leveren. En eigenlijk hebben we vooral gezond verstand gebruikt. Voor ons is het een mooi visitekaartje.

 

Van welk project in uitvoering of in voorbereiding koester je hoge verwachtingen?

Het ontwerp van een kantoorgebouw en werkplaatsen voor Chevron Phillips Chemicals International in Tessenderlo is klaar. Het wordt een heel gebruiksvriendelijk gebouw, met ingebouwde flexibiliteit en veel comfort voor de gebruikers. En alhoewel er op dit soort industriële sites doorgaans (terecht) veel aandacht is voor functionaliteit, kreeg esthetiek ook een kans.

 

Welk project van een andere Belgische architect is voor jou een schot in de roos?

Ik was aangenaam verrast bij een bezoek aan De Krook, de nieuwe stadsbibliotheek van Gent. Het is een project van architectenbureau Coussée & Goris, weliswaar in samenwerking met RCR Arquitectes.

Je beleeft het gebouw buiten en binnen. Het strekt zijn tentakels uit naar de stad voor wandelaars en fietsers. Spectaculair aan de buitenzijde en rustgevend aan de binnenzijde door eenheid van structuur, materiaal en kleur. Mooie uitzichten en interne doorzichten maken het een boeiende omgeving om te verblijven.

 

Welke buitenlandse architecten vormen voor jou een grote bron van inspiratie?

Een bezoek aan het klooster 'Sainte-Marie de La Tourette' in Eveux-sur-l'Arbresle (Frankrijk), bevestigde voor mij dat Le Corbusier toch wel enkele zeer grootse dingen heeft gedaan. Het is een straffe toer om met een balkvormige kapel in bruut beton een groep uitgelaten architectuurstudenten een half uur compleet stil te krijgen door de poëtische combinatie van licht, ruimte en materiaal.

Recent kijk ik met bewondering naar Casa Brutale in Beirut (Libanon) van het Griekse architectenbureau OPA (Open Platform for Architecture). Het spectaculaire ontwerp van een huis, ingebouwd in een klif, ging viraal op het world wide web vóór de effectieve realisatie (2017).

 

Wat zijn volgens jou de meest geslaagde recente bouwprojecten in het buitenland?

Ik verwijs enkel naar projecten die ik zelf bezocht heb, want architectuur moet je beleven en met eigen ogen zien. Dat beperkt mijn selectie uiteraard, ook wat de echte recente actualiteit betreft.

De Incineration Line 6, een afvalverwerkingscentrale (2014) door de Nederlandse architect Erick van Egeraat in Roskilde (Denemarken) sprak me in grote mate aan door de creatieve combinatie van een functionele installatie met een opvallende ‘jas’ in lasergesneden Cortenstaal. Ik bezocht het gebouw overdag, maar in het donker is het volgens beelden nog spectaculairder door de verlichting achter de gevelopeningen.

Als je architectuur in ruimere zin bekijkt, kan ik zeggen dat het viaduct van Millau (Frankrijk 2004) door Norman Foster bewijst dat een creatieve architect een grote meerwaarde kan zijn in een groep van ingenieurs. Veel sierlijker kan het niet.

En voor wie de kans heeft om in New York een wandeling te maken over het High Line Park (2009 e.v.), moet dat zeker doen. Het ontwerp van architecten Diller Scofidio + Renfro en de landschapsarchitecten van de James Corner Field Operations is een zeer geslaagde oefening in herbestemming en opwaardering van een omgeving.

 

Welke jonge architect in Vlaanderen maak momenteel veel indruk op jou?

Veel jonge architecten werken nu in een architectenbureau, waardoor projecten steeds meer collectief ontstaan. Maar zoals dat ook bij ons het geval is, is de inbreng van jonge architecten in het ontwerp doorgaans vrij substantieel, omdat ze nog vrijer van geest zijn en minder gehinderd worden door ervaring die soms ook wel beperkend werkt in het creatieve proces.

Als ik kijk naar wat ik momenteel goed vind, en waarvan ik vermoed dat jonge architecten veel inbreng hebben, kan ik verwijzen naar BLAF architecten uit Lokeren en dmvA uit Mechelen.

 

Wat vind je zo boeiend aan jouw job als architect? Zou je jouw kinderen aanmoedigen om in jouw voetsporen te treden?

Dat het een zeer boeiend beroep is, kan ik beamen. Het is altijd anders en er is continu evolutie. Voor wie houdt van uitdagingen is een architectenbureau een gedroomde habitat. Vermits de bouwsector nog veel potentieel heeft om te evolueren van een bepaalde vorm van amateurisme naar zeer professonieel, kan je het verschil maken, in tegenstelling tot veel andere beroepen. Dat geeft je de drive om ervoor te gaan en te blijven gaan.

Hard (moeten) werken is de keerzijde van de medaille, want zonder verregaande inspanningen lukt het niet. En dan spreek ik nog niet over de financiële risico’s die je erbij moet nemen. Er is veel verantwoordelijkheid en eigenlijk een te lage verloning in verhouding tot die verantwoordelijkheid en de te leveren inspanningen. Daarom vind ik het niet erg als mijn kinderen een andere richting zouden uitgaan.

Voor de generatie die Q-BUS Architectenbureau zal verderzetten na mij en mijn vennoot zal het echter beter en gemakkelijker zijn, omdat zij niet meer van nul moeten starten en omdat ze kunnen verder bouwen op de ervaring binnen het architectenbureau.

 

Welke ontmoeting is bepalend geweest voor jouw verdere architecturale ontplooiing?

Ik heb het gevoel dat ik veel te danken heb aan mijn stagemeester Germain Verbeemen, die me op jonge leeftijd voor de leeuwen gooide. Maar hij inspireerde me wel om kansen te grijpen. Zijn dada was het aftasten van grenzen en het vooruit kijken naar evoluties in de sector. Misschien heeft dat ertoe geleid dat ons architectenbureau nu ook op meerdere vlakken vooruitstrevend is.

 

Herken je jezelf nog in de ambitieuze jonge student die je ooit was? Komen droom en werkelijkheid sterk overeen?

Als student weet je volgens mij niet waaraan je begint, tenzij eventueel je vader of moeder architect was/is, en dan nog. In mijn tijd was het vanzelfsprekend dat een architect het zelfstandig statuut aannam, maar dat op zich is al een hele onderneming als je niet uit een zelfstandig nest komt.

Droom en werkelijkheid kwamen in mijn geval niet overeen. Maar dat wil niet zeggen dat ik spijt heb, integendeel. Mijn werkelijkheid is nu op een ander vlak veel boeiender dan dat ik het me vooraf had voorgesteld, want zaakvoerder zijn van een architectenbureau met 15 teamleden is een echte uitdaging. Soms heb ik het gevoel dat het enkel nog maar beter en plezanter wordt, ondanks het feit dat de verantwoordelijkheid ook wel toeneemt. Ervaring is dan een fijne partner, omdat het je stressbestendiger maakt, ook doordat je hebt leren relativeren.

Ondernemen zou ik alleszins wél aanraden aan mijn kinderen, maar ik adviseer hen om het in een financieel interessantere sector te doen. Op voorwaarde dat ze dan ook een boeiend leven kunnen hebben.

 

Faits divers

Welke job zou je nu uitoefenen als je geen architect was?

Vermoedelijk iets in de informatica. Misschien evoluerend naar domoticatoepassingen.

Waar heb je jouw architectuuropleiding gevolgd?

PHAI, nu UHasselt.

Bij wie heb je stage gelopen?

Olaerts Architektenburo (Genk) en Architectenbureau Verbeemen (Lummen).

Wat was de titel van jouw eindwerk?

‘Patronen in de hoge woningbouw’

Favoriet architectuurboek:

The Phaidon Atlas of Contemporary World Architecture.

Favoriet ander boek:

De autobiografie van Phil Collins “Not dead yet” was een leuke kameraad op vakantie.

Favoriete film:

Casino (1995, Martin Scorsese)

Favoriet tv-programma:

Weinig TV-tijd, maar sport (behalve voetbal) en zowat alles van Jan Eelen vind ik interessant.

Favoriete muziek:

Actuele muziek met Franse dj-invloeden en de meer psychedelische nummers van de Beatles.

Hebt je veel vrije tijd en hoe breng je die het liefst door:

Weinig me-time, maar wandelingen en een beetje avontuurlijk reizen maken veel goed.

Favoriete Belgische stad:

Hasselt. Gent is ook niet mis.

Favoriete Europese stad:

Valencia (ook zonder Calatrava…)

In welk land zou je het liefst geboren en opgegroeid zijn?

De reflex is ‘Frankrijk’, maar uiteindelijk zal het toch België zijn.

Actief of passief sportbeoefenaar? Welke sport?

Na 20 jaar fietsen, is het nu vooral ‘passief’ volgen van de grote wielerklassiekers en -rondes.

Favoriete architectuursite?

www.architectura.be, what else 😉

Favoriete andere website?
www.VRTNWS.be