Groen voor Grijs: waarom we de baten van vergroening te vaak negeren
In de eerste aflevering van de nieuwe podcastserie Groen voor Grijs, een initiatief van Talea in samenwerking met contentbureau Palindroom, wordt het Vlaamse klimaatbeleid stevig tegen het licht gehouden. Moderator Rik Neven van Palindroom legde maar liefst zeven scherpe stellingen voor aan een panel bestaande uit Jo Brouns (Vlaams minister van Landbouw), Ignace Schops (voorzitter van Bond Beter Leefmilieu) en Jan Peumans (voormalig voorzitter van het Vlaams Parlement). Een van de discussiepunten raakt de kern van elk hedendaags project: wordt er te veel gekeken naar de kosten van vergroening, terwijl de baten en terugverdieneffecten buiten schot blijven?
Het panel is het erover eens dat we momenteel met een verkeerde bril naar de cijfers kijken. Er wordt te vaak gesproken over een kost in plaats van over een investering die zich dubbel en dik terugbetaalt. "Natuur is de beste bank ter wereld”, benadrukt Schops. "Eén euro investeren in de natuur levert tien euro op voor de lokale samenleving."
De onzichtbare winst van biodiversiteit
Bij de discussie over het klimaatbeleid blijkt de economische waarde van natuur een cruciaal maar vaak onderschat element. Het grote knelpunt is dat deze winst vaak indirect is en daardoor lastig in een boekhoudkundige tabel te vangen. Toch bestaan er internationaal gestandaardiseerde methodieken om deze socio-economische inkomsten nauwkeurig te berekenen. De baten zitten in zaken die we vaak als vanzelfsprekend beschouwen, zoals CO2 opname, stikstofreductie en natuurlijke waterzuivering.
"Ik zeg altijd natuur is de beste bank ter wereld. € 1 investeren in de natuur levert € 10 op voor de lokale samenleving. [...] Elke dag niks gedaan, kost het gewoon meer. "
Een concreet voorbeeld hiervan is ons drinkwater. De kwaliteit van het water uit de Maas is direct gekoppeld aan de drinkwaterkwaliteit van 7 miljoen mensen uit de omgeving. "Uw water komt niet alleen uit de kraan, maar dat moet ergens van komen. En hoe properder de streek, hoe properder het water”, merkt Schops op. Het besef moet groeien dat natuurlijke ecosystemen de meest efficiënte instrumenten zijn die we hebben om de klimaatdoelstellingen te halen. Zo wordt verwezen naar de Demerbroeken, waar berekeningen aantonen dat investeringen in natuurherstel zichzelf breed terugverdienen.
Van begroting naar welzijn
Hoewel terugverdieneffecten bij thema’s als werkgelegenheid standaard door de overheid worden benadrukt, blijven ze voor natuurbehoud vaak onderbelicht in de begrotingscijfers. "Er zijn geen terugverdieneffecten gekwantificeerd in de begroting van het regeringsakkoord, dat klopt”, stelt Brouns kritisch vast. Dat is een gemiste kans, want onderzoek van organisaties zoals het WWF toont aan dat de opbrengst van natuurherstel in bepaalde zones zelfs kan oplopen tot een factor 55.
"Er zijn geen terugverdieneffecten gekwantificeerd in de begroting van het regeringsakkoord, dat klopt. Dat vind je daar niet in terug."
Naast de harde euro's is er ook de enorme impact op volksgezondheid. Tijdens de podcast wordt verwezen naar onthardingsprojecten op scholen waarbij asfaltvlaktes worden gehalveerd. "Die indirecte impact op uw welzijn en welbevinden is misschien moeilijk in cijfers om te zetten, maar de impact is er wel als je kijkt naar de overconsumptie in de gezondheidszorg." Het panel vraagt zich dan ook hardop af of we wel alles moeten kwantificeren om de politiek mee te krijgen, terwijl de winst voor ons welbevinden overduidelijk is.
Ruimte voor de 3-30-300 regel
Ondanks deze inzichten is de verstening in onze straten nog steeds pijnlijk zichtbaar volgens Peumans. Hij spreekt met verbazing over de opmars van kiezeltuintjes: "Als er maar één sprietje kruid uitkomt, dan is het hek van de dam." De oplossing ligt volgens de gasten in een combinatie van persoonlijke verantwoordelijkheid en een heldere stedenbouwkundige visie, zoals de 3-30-300 regel. Die regel stelt dat iedereen vanuit zijn woning minstens drie bomen moet kunnen zien, dat elke buurt voor dertig procent uit bomenkruinen moet bestaan en dat elke inwoner op maximaal driehonderd meter van een park of bos moet wonen.
"Kijk naar straten met kiezeltuintjes. Als er maar één sprietje kruid uitkomt, dan is het hek van de dam."
Het terugdringen van verharding op speelplaatsen en in woonwijken is geen luxe maar een noodzaak voor een toekomstbestendig klimaatbeleid. "Elke dag niks gedaan, kost het gewoon meer." Het is tijd dat we stoppen met enkel te vragen wat groen kost, en voluit durven kijken naar wat een gezonde, biodiverse omgeving ons voordelen kan opleveren.
Benieuwd naar het volledige gesprek over de zeven stellingen van het klimaatbeleid?
In deze eerste aflevering van de podcast Groen voor Grijs gaan Jo Brouns, Ignace Schops en Jan Peumans dieper in op verschillende hete hangijzers van het klimaatbeleid. Wil je de volledige discussie horen? Dan kan je hier de podcast volledig beluisteren.