IN MEMORIAM. Oliver Thill (1971-2026)

Op 2 maart 2026 is architect Oliver Thill op veel te vroege leeftijd overleden aan een kortstondige maar agressieve ziekte. Op een hoogtepunt neemt hij in stilte afscheid. Oliver was medeoprichter van het Rotterdamse bureau Atelier Kempe Thill, dat hij samen met André Kempe leidde. Hij was tevens als studiomeester verbonden aan diverse Europese universiteiten. In 2020 werd hij nog benoemd tot hoogleraar aan de Leibniz Universiteit Hannover. Sinds de oprichting streeft Atelier Kempe Thill ernaar zich niet te beperken tot Nederland, maar zich te vestigen op de bredere Europese markt waaronder ook vele projecten in België.

Oliver Thill en André Kempe ontmoetten elkaar tijdens hun opleiding in Dresden. Na hun winnende ontwerp tijdens de Europan 5 wedstrijd beslisten ze in 2000 om samen Atelier Kempte Thill op te richten. Het project tekende voor driehonderd woningen in Kop van Zuid te Rotterdam maar werd uiteindelijk niet uitgevoerd. Het gaf wel onmiddellijk de toon aan van hun werk. Atelier Kempe Thill ontwierp de afgelopen 25 jaar talrijke grootschalige woonprojecten. Als jonge architectuurpraktijk wisten ze de recessie van 2002-2004 en de kredietcrisis van 2008 te overleven. Ze kozen er heel bewust voor om zich te positioneren binnen het Europese architectuurlandschap. Dat het beroep van architect in Nederland onder druk kwam te staan, schrok hen niet af. Ze verkenden nieuwe horizonten waaronder België, en filleerden het beroep in hun onderzoekend pamflet ‘Op zoek naar de nieuwe architect’.

Het was in het najaar 2007 wanneer we Oliver uitnodigden in Hasselt voor één van de toenmalige AZ-lezingen van Architectuurwijzer. Het werd een memorabele avond en het begin van een langdurige vriendschap en professionele samenwerking. Het werd snel duidelijk dat we de waardering van bestaande gebouwen gemeen hadden. De wijze waarop Oliver die avond hun werk wist te positioneren binnen een breder architecturaal historisch kader was voor ons ongezien. Hun voorliefde voor de verworvenheden van het modernisme, en vooral het doordenken op het klassieke oeuvre van Karl Friedrich Schinkel en dit van Mies van der Rohe is nog steeds doordrongen in hun architectuur. Het ontwerpen van structureel slimme gebouwen is een belangrijke drijfveer van Atelier Kempe Thill en vandaag meer dan ooit actueel. Hun praktijk is van bij de start gehuisvest in de iconische Van Nellefabriek in Rotterdam. Het complex, gebouwd tussen 1925 en 1931 naar ontwerp van Brinkman & Van der Vlugt, diende oorspronkelijk als fabriek voor koffie, thee en tabak maar was nu herbestemd tot kantoren en evenementenruimte. Ze wisten hun locatie wel te kiezen. De Van Nelle fabriek is een voorbeeld bij uitstek van wat bOb Van Reeth een intelligente ruïne zou noemen. Ondanks hun Oost-Duitse afkomst besloten ze bewust om zich niet te vestigen in Duitsland maar in Rotterdam, de stad van OMA. Maar ook de stad die zich na de Tweede Wereldoorlog terug heeft heruitgevonden. Vanuit deze plek wilden ze hun architecturale missie uitzenden.

Oliver was een architectuurvechter. Aan de ene kant een architect van veel woorden, grondige analyse en steeds op zoek naar rationele gebouwen. Maar hij was meestal ook zwijgzaam, bedachtzaam, om steeds op het juiste moment de juiste woorden, het juiste gebaar te vinden. Het is een kwaliteit die maar enkelen gegeven is. Hij was bovenal ook een warme persoon. Enkele maanden voor de oprichting van onze eigen architectuurpraktijk RE-ST gingen we bij hem te rade voor advies. De ontvangst was hartelijk en op blote voeten. Dat laatste is metaforisch voor de huiselijk sfeer die van hun atelier afstraalde. Er werd gewerkt aan één grote tafel om de horizontaliteit van het samenwerken binnen het bureau te benadrukken.

Onze dankbaarheid is eeuwig voor de samenwerking bij de wedstrijd van de herbestemming van de Zaal Harmonie in Antwerpen. Ons bureau was nog niet officieel opgericht, maar het was duidelijk dat zij wel in ons geloofden. Wij konden ons referentiekader en kennis met succes inbrengen. De opgave bestond om de voormalige feestzaal aan het Harmoniepark in Antwerpen te herbestemmen tot Stille Ruimte. Met hun concept van ‘specifieke neutraliteit’ en onze ‘empathische’ manier van omgaan met bestaand erfgoed wisten we de jury te overtuigen. We sloopten enerzijds datgene wat er in de jaren ’80 oneigenlijk werd toegevoegd en herstelden de oorspronkelijke waarde van het gebouw. Planmatige deden we quasi niets buiten enkele logistieke functies in de rand toe te voegen. “Wat hebben jullie eigenlijk gedaan?” was de beangstigende vraag van toenmalig bouwmeester Marcel Smets. Oliver keek ons lachend aan en fluisterde dat we misschien onze wedstrijdvergoeding niet zouden krijgen omdat we te weinig gedaan hadden. We wonnen de wedstijd. De jury was lovend voor ons pleidooi voor het niets toevoegen maar focus op herstel. Op cruciale momenten was Oliver vol van humor. Maar zijn humor was niet enkel om te lachen, maar vooral ook erg ontwapenend. Relativerend maar soms ook meedogenloos.

Het wederzijdse respect en de complementariteit groeide uit tot een duurzame relatie. De afgelopen jaren werkten we samen aan de renovatie van het sociale huisvestingsproject Rozemaai te Ekeren. Twee brutalische woonschijven uit de jaren ’70 van de hand van architect Jules De Roover dienden grondig gerenoveerd te worden. De voorgestelde strategie tijdens de wedstrijdfase bleek tijdens opmaak van het ontwerp toch wat complexer te zijn om rekening te houden met de technische randvoorwaarden van onder meer de EPB regelgeving. Na wat creatief avondlijk denk- en rekenwerk van onze kant konden we in de ochtend per mail aan Oliver laten weten dat we een oplossing hadden. ‘WOW’ stuurde hij ons. Niet meer, niet minder, maar meer dan genoeg om blijk te geven van appreciatie. Vandaag werken we samen aan de transformatie van de voormalige brouwerij Atlas in Anderlecht. Een opgave waar we op zoek moeten gaan naar een complex evenwicht tussen erfgoed en nieuwbouw om het geheel rendabel te kunnen maken. Steeds opnieuw mochten we zijn doortastendheid ervaren. Altijd open voor andermans argumentatie en bereid om zich hiernaar te schikken als ze steekhield. Altijd gebaseerd op grondige analyse van regelgeving, programma, doortastende lezing van het bestaande patrimonium, budget en vooral gebruikskwaliteit. De waardering voor zijn ontwerphouding is immens. We hadden gehoopt op nog vele jaren van samenwerking. Helaas vertelde hij enkele maanden geleden dat hij geveld was door een ernstige ziekte. Ook hier ging hij heel rationeel mee om. Zoveel als mogelijk probeerde hij nog toegewijd alle vergaderingen mee te volgen, ook vanuit zijn ziekbed. Ook voor een wedstrijdontwerp voor een school in Anderlecht bleef hij mee tot op het laatste moment mee nadenken over het ontwerp.

Oliver heeft ons het vakmanschap van de architect laten herontdekken. En vooral het inzicht dat architectuur een product is van een lange culturele ontwikkeling. Dat uit zich in een welhaast pragmatische benadering van de bouwopgave: de architectuur is niet uitsluitend een vraagstuk van het programma en de conceptualisatie, maar ook van materialisatie, techniek en constructiemethoden.  Zijn beheersing van het vak was zo groot dat hij in staat was deze niet slechts te doorgronden, maar te voorzien van nieuwe betekenissen. De architectuurwereld in Europa en daarbuiten verliest een compleet en zeldzaam architect, docent en vooral een mooi mens.

Tim Vekemans en Dimitri Minten zijn architect en medeoprichter van RE-ST.

  • Deel dit artikel

Onze partners