Doorzoek volledige site
02 juni 2016 | AARON EERDEKENS

RE-ST predikt mentaliteitsverandering in Pleidooi voor het niet-bouwen

Pleidoor voor het niet-bouwen. Illustratie | RE-ST

Vorige week maakte De Morgen de plannen van Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege omtrent het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen openbaar. Architecten- en onderzoeksbureau RE-ST publiceerde in oktober 2015 al het vlugschrift 'Pleidooi voor het niet-bouwen', dat veel overeenkomsten heeft met het voorstel waar minister Schauvliege momenteel aan werkt.

Ruimtelijke crisis

Het vlugschrift is een beknopte weergave van het onderzoeksproject 'De winst van het niet-bouwen'. "Het pleidooi valt mogelijk grotendeels samen met het principe van de betonstop," zegt RE-ST.  "We vertrekken alvast vanuit de analyse dat de ruimtelijke ciris in Vlaanderen aanleiding geeft tot een radicaal andere bouwcultuur. Het uitbreiden van het gebouwd patrimonium nadert zijn grenzen zowel ruimtelijk, financieel als ecologisch. Dit stellen we met zijn allen steeds meer en duidelijker vast”.

RE-ST stelt zich de vraag wat er zou gebeuren als we een absolute bouwstop zouden afkondigen. Dit komt overeen met Schauvliege’s voorstel van een betonstop. RE-ST gaat hierbij uit van het idee dat we ruimtelijke behoeften oplossen zonder nog nieuwe kubieke meters bebouwing toe te voegen. Maar hoe doen we dit?

 

Twee methodes voor niet-bouwen

Niet-bouwen gaat dus over het oplossen van ruimtelijke behoeftes zonder kubieke meters toe te voegen. Het vlugschrift benoemt hiervoor twee methodes. Eén methode is het detecteren en gebruiken van het bestaande gebouwenbestand door deze beschikbare ruimte te herstructureren.

RE-ST benoemt hiervoor meerdere gekende tactieken zoals renoveren, herbestemmen, tijdelijk ruimtegebruik, intensief ruimtegebruik, enzovoort. “Dit zijn eenvoudige en gekende recepten. Het niet-bouwen vertrekt bij het weten wat we hebben. Dit lijkt niet altijd evident. Het gebouwenbestand in Vlaanderen is in verschillende sectoren onderbezet. Dit blijft vaak onzichtbaar, wat we verdoken overmaat noemen. Niet-bouwen is vaak het herontdekken van bestaande ruimte,” zegt RE-ST.

Tevens gaat het ook, en wellicht nog meer, over de zoektocht naar processen die ruimtelijke behoeften kunnen doen verminderen door ons ruimtelijke consumptiegedrag aan te passen. “Het zit diep onder ons vel om een ruimtelijke behoefte om te zetten in een nieuwbouwproject” zegt RE-ST.

 

Pleidooi voor een mentaliteitsverandering

Het verhaal van RE-ST over het niet-bouwen is geschreven om iedereen in een mentaliteitsverandering te brengen, liefst vroeger dan de deadline 2050 die minister Schauvliege stelt. “Het niet-bouwen is een mogelijke gepaste bouwattitude, één waarbij we een weerstand tegen het toevoegen van kubieke meters voorop stellen. Ze kan helpen in het noodzakelijke opschuiven naar een andere bouweconomie, een economie van het niet-bouwen,” zegt RE-ST.

RE-ST liet zich voor het pleidooi inspireren door ‘De laatste steen van België’ van Luc Deleu, waarmee hij in 1979 al de mindset van het niet-bouwen introduceerde. “Het niet-bouwen kan niet enkel een alternatief zijn dat zich naast het bouwen manifesteert. Niet-bouwen gaat het bouwen vooraf. Het bewust toepassen van de tactieken op grote schaal kan leiden tot collectieve besparingen en ecologische correcties,” zegt RE-ST.

 

Een era van beheren en transformeren

"We moeten onszelf als ontwerpers, en opdrachtgevers, er zoveel mogelijk van overtuigen dat een era van voortdurende expansie plaats maakt voor een lange periode van beheer en transformatie.” Voor RE-ST dient dit debat de volgende jaren en decennia alvast volop samen gevoerd te worden. “Het is een moeilijk debat, aangezien de bouweconomie een belangrijke bijdrage levert aan onze welvaart. Daarom moet de shift samen met alle betrokken actoren worden gemaakt. Dit vraagt tijd, maar naarmate de tijd tikt, wordt de noodzaak en de urgentie tot verandering wellicht duidelijker,” zegt RE-ST.

Minister Schauvliege plakt een termijn van 35 jaar op het voorstel. "Eigelijk hebben we al bijna twintig jaar, sinds het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, een consensus over de boodschap van de minister. Na het vele werk in het veld en achter de schermen krijgt het eindelijk, en hopelijk, ook een plaats op de politieke agenda. Het is ondertussen ook aangetoond dat er een significante koppeling bestaat tussen onze ruimtelijke groei en belangrijke uitdagingen zoals mobiliteit, klimaatopwarming, luchtkwaliteit, enzovoort. We moeten dit alles op een gepaste en constructieve manier bij de beleidsmakers brengen. We hopen dat ons onderzoek hier aan bijdraagt," zegt RE-ST.

Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden versterken

Dat Schauvliege de uitvoering van haar plannen wil overlaten aan de gemeentebesturen, kan volgens RE-ST een goed idee zijn. "Iedere stad heeft zijn eigen mogelijkheden en uitdagingen. De omslag naar een ander ruimtelijk beleid opent wellicht deuren naar meer intergemeentelijke samenwerkingsverbanden. Ruimtelijk beleid dient over de gemeentegrenzen heen gevoerd te worden. Gemeenten kunnen in elkaar een gesprekspartner vinden, expertises uitwisselen, om zo een gezamenlijke visie te ontwikkelen en samen te zoeken naar een ruimtelijk beleid dat tot de gestelde betonstop kan leiden,” aldus RE-ST.

Toekomstige publicaties

Het pleidooi kan ons mogelijk bewust maken van de noodzaak tot een ruimtelijke mentaliteitsverandering. “We trachten deze bouwattitude dagelijks zoveel mogelijk toe te passen in onze architectenpraktijk. Ruimte maken voor de verdere uitdieping van het onderwerp staat bovenaan op de agenda. Zo werken we momenteel aan een nieuw vlugschrift dat heel specifiek het thema overmaat behandelt. De zoektocht gaat dus nog wel even door,” sluit RE-ST af.

De resultaten van het onderzoek dat uitgaat van een fictieve bouwstop en de tien tactieken van het niet-bouwen kan u alvast ontdekken in de online versie van het Pleidooi voor het niet-bouwen.