Doorzoek volledige site
06 mei 2016 | JEROEN SCHREURS

Instal 2020 en TETRA SWW brengen verwarmingsverbruik in kaart

Illustratie | WTCB
Illustratie | WTCB

Het TETRA-project SWW was de voorbije jaren een van de belangrijkste onderzoeksprojecten op vlak van sanitair warm water. De resultaten worden geïntegreerd in Instal 2020, het onderzoeksproject dat uit TETRA SWW is ontstaan. Installatie & Bouw sprak erover met Bart Bleys, labohoofd watertechnieken bij het WTCB.

Betere isolatie en luchtdichtheid van woningen doet de energie die nodig is voor verwarming sterk afnemen. Die voor sanitair warm water blijft echter constant of neemt zelfs licht toe. Relatief gezien wint SWW dus aan belang, en toch is er de voorbije decennia bitter weinig onderzoek gevoerd naar de SWW-vraag, meerbepaald naar de dagverbruiken en piekdebieten. Die informatie is nochtans nodig om tot een goede dimensionering van de installatie te komen. “Ruimteverwarming geeft een vrij constant energieverbruik. Bij SWW zie je meer kortstondige pieken die afwisselen met periodes met weinig of geen verbruik,” legt Bart Bleys uit. “Vroeger kwam je voor verwarming én sanitair in doorstroom ongeveer op 20-30 kW uit en was een combitoestel heel logisch. Nu zakt het vermogen voor verwarming in goed geïsoleerde woningen tot 4-5 kW. De vraag of je die twee samen of apart moet produceren zal daardoor – zeker op appartementsniveau – veel groter worden.”

 

Hulpmiddel voor installateurs

Het TETRA-project rond SWW, onder leiding Ivan Verhaert van de Thomas More Hogeschool, vulde die leegte in. Samen met onder andere het WTCB verzamelde de hogeschool data over het SWW-verbruik in ons land. Het uiteindelijke doel: de installateur een hulpmiddel aanreiken om makkelijke berekeningen te maken. Thomas More deed daarbij de simulaties en metingen in woningen, het WTCB voerde metingen uit in veertien appartementsgebouwen van verschillende groottes. “We gebruikten ultrasone debietmeters en meten naast het (circulatie-)debiet ook de temperatuur van het koud en warm water en de vertrek- en retourtemperatuur, alles in een tijdsresolutie van één à twee seconden, anderhalf tot twee maanden lang. Zo’n uitgebreide gegevensset vind je niet makkelijk, dat merken we aan de buitenlandse onderzoekscentra die onze data graag willen gebruiken,” zegt Bleys.

 

Online tool

De Thomas More Hogeschool goot de verzamelde gegevens in vermogen-volumecurves voor verschillende schaalgroottes. Daarop zien installateurs hoe het benodigde vermogen zakt naarmate de boilercapaciteit die ze zouden bijplaatsen en kunnen ze het benodigde sanitair vermogen op het peil van het verwarmingsvermogen brengen. “Die informatie hebben we verwerkt in een online tool, die we nog verfijnen. De installateur geeft een aantal parameters in – aantal appartementen, aantal bewoners, soort douche – en krijgt een vermogen-volumecurve op maat van zijn project. Die tool is erg laagdrempelig en makkelijk te gebruiken. Momenteel wordt de tool verder verfijnd en gevalideerd binnen Instal 2020.

 

Seizoensvariatie bij SWW

De resultaten van de metingen gaven ook nog andere waardevolle informatie prijs. Zo blijkt er duidelijk een seizoensvariatie in het benodigde vermogen voor SWW, iets waar men tot nu toe geen rekening mee hield. In februari kan die variatie stijgen tot 14 procent boven het gemiddelde, in juli tot 19 procent eronder. Bleys: “De voornaamste oorzaak daarvan is een variatie in de koudwatertemperatuur, die natuurlijk lager ligt in de winter. Wie mengwater op 40 graden wil, zal dan procentueel meer opgewarmd water moeten gebruiken.” Bleys en zijn team toonden ook aan dat de piekdebieten vaak te hoog worden ingeschat, iets wat Duitse onderzoekers ook al hadden ingezien. “We raden daarom aan om de Duitse DIN 1988-300-norm te volgen, die in 2012 is aangepast. Onze resultaten sluiten daar het dichtst bij aan.”

 

Meerdere criteria

Het TETRA-project was zo’n succes, dat er heel snel een opvolger aankwam: Instal 2020, gestart eind 2014, is gericht op de combinatie van SWW, ruimteverwarming en koudwaterdistributie. Installateurs moeten immers vaak projecten voor de volledige keten ontwikkelen. Het WTCB trekt het project, dat mee gedragen wordt door ICS, de Bouwunie en ATIC. “We focussen niet alleen op energie, maar ook op comfort, hygiëne en totaalkost. Met zo’n multicriterium-aanpak kan een bouwheer oplijsten welke concepten best bij zijn project passen, rekening houdend met de bouwgrootte, zijn prioriteiten en eventuele beperkingen. Met een tweede tool zullen de gebruikers daarna een detailberekening kunnen maken voor de opties die volgens de eerste module het beste bij hun project passen. We hebben in dit project specifiek aandacht voor satellietunits, omdat daar op dit moment nog maar weinig concrete gegevens over bestaan.

GERELATEERDE DOSSIERS