Doorzoek volledige site
25 maart 2015 | TIM JANSSENS

Moderne woonzorgarchitectuur in het centrum van Duffel

Op het vlak van ouderenzorg heeft Duffel de laatste jaren enorme stappen gezet. Na de herinrichting van het Hof van Arenberg tot een volwaardig woonzorgcentrum (2011) stond er vorig jaar met de Peerle alweer een nieuw zorg- en dienstencomplex klaar. Het knappe, in het oog springende gebouw biedt onder meer plaats aan een dagverzorgingscentrum, een dienstencentrum en 54 assistentiewoningen. De Peerle getuigt bovendien van een vooruitstrevende visie op ouderenzorg, zeker wat woon- en leefkwaliteit betreft.

 

Maatschappelijke meerwaarde

De bouw van De Peerle zat al even in de pijplijn. Nadat de Raad van Bestuur van vzw Emmaüs de directie ouderenzorg vroeg om het beheer van het zogenaamde Hof van Arenberg op zich te nemen – een ziekenhuis-RVT voor zware zorgbehoevenden dat door de gewijzigde wetgeving nauwelijks aan de erkennisnormen voldeed – werkten algemeen directeur Paul Van Tendeloo en het directieteam (met Katrien Smets als technisch directeur) een zorgstrategisch plan uit om de ouderenzorg in Duffel op te waarderen. Een eerste pijler van dat plan was de gedeeltelijke reconversie van het kloostergebouw vlakbij de kerk en de bouw van een aanpalend nieuwbouwvolume met veertig bedden (dertig plaatsen residentieel, tien plaatsen kortverblijf). Dit vernieuwde Hof van Arenberg doet tot op heden dienst doet als een woonzorgcentrum met 74 bewoners. “Onze ambities reikten echter verder dan dit ene project,” aldus Paul Van Tendeloo. “We geloven sterk in het concept van woonzorgzones en -netwerken, waarbij thuiszorg en thuiszorgondersteuning zeker zo belangrijk zijn als residentiële zorg. We achtten het nodig om nog een dagverzorgingscentrum en een lokaal dienstencentrum bij te bouwen, aangevuld met eigentijdse assistentiewoningen. Zo is het concept voor de Peerle ontstaan: een complex dat erg toekomstgericht omgaat met dat delicate woonzorggegeven.”

De geschikte locatie voor dit nieuwe complex was snel gevonden. Recht tegenover het Hof van Arenberg bevond zich een grotendeels braakliggend terrein dat zich uitstekend leende tot de vestiging van een gebouw met maatschappelijke meerwaarde. “Aangezien er voor de site geen definitief ruimtelijk uitvoeringsplan bestond, kregen we de kans om een complex te ontwerpen dat niet enkel een bijdrage zal leveren aan het leven van de Duffelse senioren, maar ook aan de rest van de gemeenschap,” vertelt architect Jef Van Oevelen.

De Peerle grenst aan de kleurloze Stationsstraat, een centrale dorpsas zonder uitgesproken identiteit. Eerder dan het inspiratieloze straatbeeld te vervolledigen, wilde Van Oevelen een complex ontwerpen dat in het oog springt en uitnodigt tot verkenning. “Het terrein van de Peerle is vrij diep en is vanaf de straatkant bereikbaar via enkele doorsteken. Samen met het plein aan de voorkant, dat vanaf komende zomer dienst zal doen als openbaar terras en ontmoetingsplek, zorgt dit opnieuw voor leven in de brouwerij. Door zijn uitgesproken uitstraling maakt het gebouw integraal deel uit van het Duffelse dorpscentrum. De combinatie van de opvallende witte gevelbekleding (crepi) en de variëteit aan (overwegend verticale) raamopeningen en insnijdingen maakt dat het er echt 'staat'.”

 

Focus op het woongegeven

Woonkwaliteit staat voorop in de Peerle. Via een dubbelhoge, beglaasde entree die het onderscheid tussen binnen en buiten doet vervagen, kom je terecht in het dagverzorgingscentrum, het dienstencentrum, het kapsalon, het strijkatelier, de fitnessruimte of de lift naar de assistentiewoningen op de verdiepingen. Een transparante passerelle verbindt het hoofdvolume met het verticaal ingeplante zijvolume. Elke assistentiewoning heeft een eigen voordeur, die te bereiken is via een met hout beklede gaanderij. Hier kunnen de bewoners desgewenst tafeltjes, stoelen of planten plaatsen. De leef- en activiteitenruimte van het dagverzorgingscentrum sluit aan op een groot achterliggend terras met petanquebaan en is zowel binnen als buiten afgescheiden van het 'slaapgedeelte'. En de cafetaria van het dienstencentrum, die in andere zorggebouwen bestempeld zou worden als een 'refter', moet zich dankzij de horeca-achtige inrichting gaan gedragen als een rasecht dorpscafé dat in zomerse tijden naadloos aansluit bij het reilen en zeilen op het binnenplein en de aanpalende Stationsstraat.

“Het kunnen misschien details lijken, maar voor de beleving van de bewoners maakt dit een wezenlijk verschil,” weten Paul Van Tendeloo en Jef Van Oevelen. “Ze leven niet in een zorginstelling, maar in hun eigen appartement. Elke assistentiewoning (56 tot 110 m²) heeft een eigen keuken, badkamer, bergruimte, terras en buitenruimte. Het terras grenst aan de leefruimte, de badkamer is gekoppeld aan de slaapkamer, de berging is behoorlijk ruim, de ruimtes zijn aangepast aan eventueel rolstoelgebruik, ...: er is veel mogelijk, en dat is een groot verschil met de klassieke serviceflatjes van weleer, waar de meeste zaken net niét konden. De bewoners zijn bovendien vrij om te doen en te laten wat ze willen. De dienstverlening is discreet aanwezig en volledig optioneel. We zijn ervan overtuigd dat dit project tot voorbeeld strekt, zeker wat woon- en leefkwaliteit en betrokkenheid bij het leven in de rest van de gemeente betreft.”


Dit artikel verscheel al eerder in Bouwen aan de Zorg