Doorzoek volledige site
27 september 2018

Stynen2018: Caroline Voet over Léon Stynen

Woning Verstrepen, Léon Stynen, Boom, 1927 Illustratie | Collectie Vlaams Architectuurinstituut. Langdurige bruikleen Collectie Vlaamse Gemeenschap

2018 is het jaar waarin het oeuvre van de Belgische architect Léon Stynen (1899-1990) via tal van activiteiten in de kijker wordt gezet, een initiatief van het Vlaams Architectuurinstituut. Op 12 oktober opent de overzichtstentoonstelling 'Léon Stynen, architect' in deSingel in Antwerpen. Architectura.be laat de komende weken enkele vooraanstaande architecten aan het woord over Léon Stynen. Deze week is het woord aan Caroline Voet.

Wat maakt het werk van Stynen zo bijzonder?

Het werk van Stynen heeft in Vlaanderen een kernpositie in de moderniteit van zijn tijd. Maar naast het gebruik van een krachtige materialiteit met beton en ruw metselwerk in sterke lijnen en ritmes, behouden zijn gebouwen steeds een menselijk karakter. Er zijn steeds intieme plekken, een soort huiselijkheid die krachtig aanspreekt.


Welke realisaties van Stynen spreken u het meest aan?

Het gebouw van deSingel in Antwerpen. Hij heeft hier gevochten voor zijn idealen: twee zalen, één voor muziek en één voor dans, omdat ze verschillende eigenschappen moeten kunnen hebben. Brede gangen voor de studenten, zodat ze niet enkel circulatie zijn maar ook echte verblijfsruimten. En alles laag, op pilotis tussen het groen. Gelukkig, hij had groot gelijk, het is zijn beste gebouw.


Wat is zijn meest onderschatte realisatie?

Verschillende van zijn woningen, zoals de woning Verstrepen of De Beuckelaer. Deze laatste werd nogal negatief onthaald in zijn tijd want ‘niet modernistisch’ genoeg. De planvorming, de ruimtelijkheid, de Palladiaanse symmetrie; meesterlijk! Spijtig genoeg wel drastisch verbouwd ondertussen. Gelukkig wacht woning Verstrepen een betere toekomst.


Zijn er parallellen te trekken tussen uw ontwerpvisie en die van Stynen?

Stynen ontwerpt zijn ruimten van binnenuit, vanuit intimiteit enerzijds, en vanuit beweging anderzijds, open plooiende perspectieven. Dat proberen wij ook te doen. Met de dispositie van onze installaties in deSingel, zoals het hoofdonthaal, spelen we ook graag met de ritmiek die overal als een muziekstuk te vinden is in de trappen en de gevels.