Doorzoek volledige site
12 september 2011

VAC Leuven in vogelperspectief

Om de ambtenaren van Vlaams-Brabant te huisvesten liet de Vlaamse overheid een Vlaams Administratief centrum bouwen in Leuven. De ontwerpopdracht werd toevertrouwd aan Jaspers – Eyers en Partners, de uitvoering was in handen van Interbuild en Willemen. Met een E-peil van E-49 en een K-peil van K-21 is het VAC in Leuven een voorbeeldgebouw geworden op het gebied van energieverbruik en isolatie. Vlaanderenvanuitdelucht.be nam onlangs luchtfoto's van de opgeleverde gebouwen.

Om de ambtenaren van Vlaams-Brabant te huisvesten liet de Vlaamse overheid een Vlaams Administratief centrum bouwen in Leuven.  De ontwerpopdracht werd toevertrouwd aan Jaspers – Eyers en Partners, de uitvoering was in handen van Interbuild en Willemen. Met een E-peil van E-49 en een K-peil van K-21 is het VAC in Leuven een voorbeeldgebouw geworden op het gebied van energieverbruik en isolatie. Vlaanderenvanuitdelucht.be nam onlangs luchtfoto's van de opgeleverde gebouwen.


 


 

Bij de ontwikkeling van de nieuwe administratieve centra in de provinciehoofdplaatsen, heeft de Vlaamse Gemeenschap belangrijke eisen gesteld op vlak van duurzaamheid, functionaliteit, herkenbaarheid en architecturale kwaliteiten. Tegelijk moeten de administratieve centra flexibele open werkruimten worden voor de verschillende diensten van de Vlaamse overheid die ze huisvesten. Bovendien moeten ze laagdrempelig zijn voor de bezoekers en opgericht worden op terreinen die de integratie van de gebouwen in het stadsweefsel waarborgen.



 

Morfologie

Het project werd gebouwd op een terrein tussen de Vuurkruisenlaan, de Diestse Poort, de Diestsestraat en de spoorwegberm naast het station van Leuven. Het gebouw bestaat uit enerzijds een torenvolume van 60m hoogte met een duidelijke landschappelijke functie als begrenzing van het binnenstedelijk gebied, en anderzijds een horizontaal balkvolume dat de overgang tussen de toren en het laagbouwgebied van het Martelarenplein tot stand brengt.

Het bouwprogramma van de Vlaamse voorziet in 22.660m2 kantoorruimte met ondersteunende diensten, 158 parkeerplaatsen en 158 fietsstallingen. Het concept vertrok van de 4 bestaande terreinniveaus waaraan het gebouw grenst. Het sokkelvolume heeft een hoogte van 6 niveaus. De toren telt 12 verdiepingen waarin administratieve diensten zijn ondergebracht.

    



Herkenbaarheid


Het gebouw van het nieuwe Vlaams Administratief Centrum bezit door zijn uitwendige vormgeving een zeer grote herkenbaarheid. Gezien het beeldbepalend karakter van de hoofdvolumes volgend uit het BPA hebben de architecten geopteerd voor een sobere vormgeving waarbij de gebouwvolumes functioneel logisch aan elkaar gekoppeld worden. Ook de gevelafwerking is bewust minder opvallend gehouden om de aandacht op de basisvolumes te vestigen. De gesloten vlakken bestaan uit lichtbeige natuursteen en de ramen zijn in gemoffeld aluminium met neutrale beglazing. Een uitwendige zonnewering zorgt voor een wisselend gebouwbeeld in de zomerperiode.

 

Duurzaam bouwen

De Vlaamse Gemeenschap heeft voor dit gebouw voor de eerste maal de hoogst bestaande normen opgelegd op vlak van duurzaamheid. Concreet houdt dit in dat het E peil van het gebouw lager moest liggen dan 50 (normale vereiste 100) en dat het gebouw een viersterrenscore moest halen overeenkomstig het nieuwe handboek “ Evaluatie van kantoorgebouwen” van de Vlaamse Gemeenschap.


 


 

Door de passieve maatregelen in de vorm van een ver doorgedreven isolatie is de vraag naar energie reeds sterk gereduceerd. Bij de actieve maatregelen werd de resterende energievraag zo efficiënt mogelijk ingevuld. Er werden enkel beproefde, technieken voor energiebesparing toegepast.

De productie van warmte voor het gebouw gebeurt in eerste instantie met een warmtepomp gekoppeld aan energieopslag in de bodem. Er werd geopteerd voor een gesloten systeem, namelijk boorgaten‐energieopslag (BEO) of energieopslag met verticale bodemwarmtewisselaars. De BEO‐techniek laat toe om zowel koude als warmte te stockeren. De boorgaten liggen onder het gebouw.

Warmte en/of koude wordt in de grond gebracht of onttrokken met behulp van een gesloten hydraulisch circuit. Dit circuit bestaat uit verschillende verticale bodemwarmtewisselaars met een diepte van circa 45m die in boorgaten worden ingebracht. Bij boorgat‐energieopslag zal tijdens de zomerperiode de warmtelast van het gebouw worden afgevoerd naar de bodem. In een eerste fase gebeurt dit door water te verpompen in de verticale sondes. De warmte wordt opgeslagen in de ondergrond. Tijdens de verwarmingsperiode wordt de opgeslagen warmte tijdens de koelperiode weer onttrokken aan de bodem. Dus op het einde van de (winter) is de bodem geregenereerd en kan de cyclus overnieuw beginnen.




Deze luchtfoto's van de opgeleverde gebouwen zijn van de hand van
Vlaanderenvanuitdelucht.be en kunnen via Architectura.be besteld worden. Vlaanderenvanuitdelucht.be gaat regelmatig opnieuw de lucht voor verse opnames, neem dus gerust contact met hen op als u uw realisatie ook in de kijker wenst te plaatsen.





GERELATEERDE ARTIKELS