Doorzoek volledige site
11 juni 2019 | NIELS ROUVROIS

Leven en laten leven in Quartier Canal

Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron
Illustratie | Marc Sourbron

Van een desolaat industriegebied tot een creatieve en sectoroverschrijdende ontwikkelingszone. Quartier Canal, aan het Albertkanaal in Hasselt, profileert zich sterk als het bruisende hart van creatieve bedrijvigheid in de Limburgse hoofdstad. Anno 2019 is het oudste industriegebied van Hasselt een levendige plek waar verschillende sectoren elkaar vinden. “Quartier Canal is een verhaal van ‘ja en’ en niet van ‘ja maar’”, vertelt Ward Dumon, samen met Jo Berben van a2o architecten. een van de drijvende krachten achter de site. 

Quartier Canal strekt zich uit van de brug aan de Kempische Poort tot het Sas. Goed voor een kleine twee kilometer bedrijvigheid. Geen traditionele en steriele industriezone, maar een kruisbestuiving van creatief en zakelijk ondernemen. In Quartier Canal leven groothandelaars in staal en HVAC naast een carwash, een architectenbureau en een muziekcentrum. De site is niet alleen een mooi voorbeeld van ruimtelijk rendement, maar ook van sociaal engagement. Leven en laten leven. Het zaadje van Quartier Canal werd ongeveer tien jaar geleden geplant tijdens een ontmoeting tussen ondernemer Ward Dumon en architect Jo Berben (a2o architecten). Vandaag is het verhaal nog steeds in volle ontwikkeling.
 

De vraag: industriële site laten herleven

Het industrieel gebied aan het Albertkanaal in Hasselt modderde jarenlang maar wat aan. Bedrijven vertrokken, gebouwen stonden leeg en raakten verkommerd en de sfeer was jammerlijk. Ward Dumon, die in 2005 met zijn dienstenbedrijf Servilux – elektrische reparaties – neerstreek aan het kanaal, zag het met lede ogen aan. “Met Servilux was ik op zoek naar een nieuwe plek”, klinkt het. “Ondanks de desolate indruk die de site gaf, zag ik wel het potentieel. En dat was nodig, want het gebouw dat ik kocht was volledig onderkomen. Het water stond zelfs in de lampen. Maar ik had wel voeling met de site, een nostalgisch gevoel. Vroeger was er een elektrowinkel waar ik geregeld kwam en in het fotolabo liet ik mijn foto’s ontwikkelen.”

Ward Dumon twijfelde dan ook niet en kocht het gebouw. “Veel bedrijvigheid was er op dat moment niet. Kleinere activiteiten in combinatie met enkele grotere ondernemen zoals de meelfabriek en Sternotte, het bedrijf met het oudste btw-nummer van Hasselt. Ik vond dat deze site een remonte verdiende. En dat gevoel werd versterkt toen enkele jaren later de silo’s van de meelfabriek de deuren sloten. Ik zou als buurman aankijken tegen een lege molen. En ik voelde dat de buurt verder achteruitging. Tot ik Jo Berben van a2o architecten ontmoette. We liepen samen door de silo’s en de parels stonden op zijn gezicht. Voor hem was het liefde op het eerste zicht. Op een bierkaartje tekende hij meteen hoe hij het zag en sindsdien is het beginnen bloeien en broeien.”
 

We liepen samen door de silo’s en de parels stonden op het gezicht van Jo. Voor hem was het liefde op het eerste zicht.”Ward Dumon, Servilux


De oplossing: kruisbestuiving van sectoren

De oude meelfabriek leende zich ideaal als ijkpunt waarrond de site zich kon ontwikkelen. Maar wat zijn de ruimtelijke mogelijkheden van zo’n groot en specifiek industrieel gebouw? Vastgoedmakelaars kwamen een kijkje nemen, maar maakten al snel rechtsomkeer. Ward Dumon: “En er zaten nochtans makelaars met veel geld tussen. Maar niemand was zo ‘zot’ om eraan te beginnen. Het was uiteraard ook geen evidente oefening. Bestemmingswijziging, het ruimtelijk uitvoeringsplan, vergunningen,… Je moet het grote plaatje kunnen zien en door alle miserie kunnen kijken. En dat kan een architectenbureau beter dan een ondernemer.”

Met een architectenbureau als drijvende kracht werd ook al snel duidelijk welke richting de site uitging. Geen vernieuwd traditioneel industrieterrein, maar een mix van gedaantes. Eigenlijk was het Muziekodroom (MOD) dat nog voor de eeuwwisseling de eerste stap in die richting zette. Het episch centrum van de Limburgse muziek zette eind jaren negentig voet aan de oevers van het Abertkanaal en wordt beschouwd als de eerste echte infiltrant op het terrein. “Na repetitieruimtes en -lokalen op verschillende plekken in Limburg, had ik de ambitie om ergens een centrum op poten te zetten”, vertelt Koen Vanduffel, bezieler van Muziekodroom. “Het idee: een café met repetitieruimtes en leslokalen. Op die manier hielden we het betaalbaar voor onszelf. Plots kwam dit pand op de radar en op hetzelfde moment ontwikkelde het popbeleid in Limburg zich. Daar hebben we op ingespeeld. De provincie wilde investeren en had een aantal ideeën, waaronder educatie en coaching. Exact wat wij deden. We hebben elkaar dan ook snel gevonden.”

Lees verder op www.ruimtelijkrendement.be
 

- - - - - - - 
In opdracht van het Vlaams Departement Omgeving werkte Redactiebureau Palindroom tien inspirerende voorbeeldprojecten uit rond ruimtelijk rendement, i.s.m. Medialife en fotograaf Marc Sourbron. De projecten zijn gepubliceerd op de website www.ruimtelijkrendement.be en op architectura.be. 

GERELATEERDE DOSSIERS