Doorzoek volledige site
10 oktober 2019 | FILIP CANFYN

Filip Canfyn reflecteert over tien jaar architectuur

Illustratie | Pixabay

architectura.be viert 10 jaar van informeren, ik mag mij al ruim 35 jaar architect noemen en dan wordt het blijkbaar tijd voor retro- en introspectie. “Is er iets veranderd in al die tijd?” Ik veroorloof mij deze algemene vraag te beantwoorden met de antwoorden op drie andere hamvragen.

Eén. Is de architectuur veranderd?

Eigenlijk niet. Er worden wel andere vervoegingen en verbuigingen gebezigd maar de zogenaamde hedendaagse architectuur blijft zich bewegen binnen de historische krijtlijnen van de continue cycli tussen minimalistisch en maximalistisch, tussen post-puur en post-barok. Architectuur zal trouwens vanaf nu altijd post-iets worden: er komt niets echt nieuws meer onder de zon. De gedachte dat er wél iets veranderd zou zijn moet wellicht geweten worden aan de enorm gegroeide visibiliteit van die hedendaagse architectuur. Van weekendkranten tot damesbladen, van reclamespots tot websites, altijd kan er wel een stukje architectuur met liefst een wow-factor bij. Eigenlijk is hedendaagse architectuur een vaste component geworden van de individualistische middenklasseprofilering, net zoals gastronomie, reizen en dat vreselijke fenomeen ‘design’.

 

Twee. Is de architect veranderd?

Neen. Tuurlijk niet. Een architect verandert nooit. Hij blijft een middenstander, in hart en nieren.
 

Drie. Is het architectenberoep veranderd?

Jazeker. Op vier vlakken zelfs.

Primo, de queeste voor het integraal vakmanschap bestaat niet meer. De stiel wordt gesegmenteerd in concept en ontwerp enerzijds en uitvoering en beheer anderzijds. Akkoord, de complexiteit van het bouwen neemt toe maar het is een illusie te denken dat het opdelen van het traject de oplossing vormt. Integendeel, zo’n niche-aanpak veroorzaakt vooral losse eindjes. Toch gedragen vele architecten zich nog altijd als alleskunnende bouwmeester, voelen ze zich nog altijd uomo universalis en bemoeilijken ze zo het werk van de anderen.

Secundo, die zelfgekozen specialisatie (lees vereenvoudiging) begint exponentieel de klemtoon te leggen op technologische hulpmiddelen, op digitale instrumenten, van intelligente software tot BIM-apps. Deze tools moeten het verlies aan integraal vakmanschap camoufleren maar overheersen enkel ten koste van inventiviteit, impact en zelfs inzicht van de gebruiker.

Tertio, net als in de bouwindustrie hebben de goedkope werkkrachten uit Europese landen-in-moeilijkheden hun plaats ingenomen in de voedselketen van de architectenkantoren. Na de stagiairs en de schijnzelfstandigen vervullen zij nu ook de rol van loyale dienaars binnen het businessmodel terwijl hun broodheren alleen klagen over lamentabele erelonen zonder samen solidair initiatief nemen.

Quarto, het architectenberoep heeft veel vroegere waardigheid verloren. Waarom? Omdat de trein van stedenbouw en samenlevingsbouw gemist wordt. Omdat geen enkele collectieve stem in het maatschappelijk debat rond klimaat, mobiliteit, huisvesting, … gehoord wordt. Omdat geen enkele globale en sociale bezorgdheid samen getoond wordt. Public relations, marketing, lobbying, dat uiterlijk vertoon mag tijd en energie kosten maar engagement, denkwerk, ambitie niet. Op de terechte bres springen levert immers geen opdrachten op.