De opdracht binnen de opleiding Architectuur en Stedenbouw van Universiteit Gent van studenten Luna De Zitter, Kobe Gielen, Ruben Van den Bossche en Yannis Bessila bestond er in om paviljoenen te realiseren met behulp van gerecupereerde materialen op campus “Tech Lane” in Gent. Dit gebeurde onder begeleiding van Lionel Devlieger (Rotor), Jan Moens en Raf De Preter (Bureau Bouwtechniek) voor ontwerp en Dries Mouton (Mouton) voor stabiliteit. Het project is gesitueerd binnen een landschappelijk ontwerp van D+A Consult. net architectuur stond in opdracht van SoGent in voor de verdere uitwerking en realisatie. De paviljoenen vormen een aangename, contemplatieve plek voor rust, ontmoeting en verpozing in wat nu nog een een zachte landschappelijke context is, maar die later bebouwd zal worden.
De belangrijkste randvoorwaarde was dat er van fundering tot dak enkel gerecupereerde materialen gebruikt mochten worden. Anderzijds dienden paviljoenen een aangename schuil-, rust- en verpozingsplek te vormen die landschappelijk geïntegreerd diende te zijn. De uitdaging voor de studenten bestond er dus in om iets verregaand technisch uit te werken met de grote beperking van enkel te beschikken over gerecupereerde materialen, zonder dat men daarbij het landschappelijke aspect uit het oog mocht verliezen. Bijkomend oversteeg de opgave de klassieke studentenopgave omdat het resultaat ook daadwerkelijk gebouw werd. Dit maakt het project zeer concreet (beperkingen stabiliteit, stedenbouw, budget,…) en maakt de verantwoordelijk bij het bouwen in de publieke ruimte tastbaar voor de studenten.
Het is uiteraard duurzaam omdat het uit recupmaterialen opgebouwd werd, maar ook omdat het de scenografie versterkt en zo een meerwaarde vormt. Zelfs de funderingen bestaan grotendeels uit recup: ter plaatse gestorte (herbruikbare) betonnen cilinders op B-keus betonblokken. Bijkomend is het ook volledig demontabel en kan het eenvoudig elders herplaatst worden. Het is hemelwaterneutraal. Mensen uit de nabijgelegen kantoorgebouwen kunnen er even ontsnappen aan de dagelijkse race. Het project verstoort niet. Uiteraard verbruikt het paviljoen ook geen energie. Op alle mogelijke vlakken is dit dus een duurzaam project: energetisch, groen-blauw, circulair, menselijk en sociaal, esthetisch, stedenbouwkundig en zelfs educatief – een demonstratie van verantwoorde en doordachte architectuur.
Er werd bijzonder veel aandacht besteed aan de inplanting, scenografie en inrichting waardoor deze een aangename plek voor rust, verpozing en ontmoeting vormen binnen het zachte netwerk van het landschap. De studenten werden in deze oefening geprikkeld en aangemoedigd om binnen een zeer technische uitdaging toch het ruimere landschappelijke aspect niet uit het oog te verliezen. Op die manier vormt dit project een prototype van wat architect zijn inhoudt: van het kleinste detail tot op stedenbouwkundige schaal een geïntegreerd geheel ontwerpen op menselijke maat. Omdat het project de edcuatieve opzet ver overstijgt, verdient het absoluut zowel de student- als de groen-blauw architectura-award.