Bouw van 25 woningen en ondergrondse parkeerplaatsen.
De grootste uitdaging bestond erin deze wijk in Marcinelle te verdichten zonder het uitzicht op het Bois du Prince en het Bois du Casier te belemmeren. Om deze openheid te behouden, hebben we afgezien van een monolithisch blok en gekozen voor drie afzonderlijke volumes. De architectuur volgt de natuurlijke helling van 5 % en past haar afmetingen aan voor een vloeiende overgang. We hebben de landschappelijke uitdaging aangepakt met het concept van het ‘geleende landschap’, waarbij we de bosvegetatie tot aan de straat hebben doorgetrokken met inheemse soorten en een groene greppel. Ten slotte maakt de ondergrondse parkeergarage ruimte vrij aan de oppervlakte, wat zorgt voor een leefomgeving waar dichtheid en openheid samengaan om de semi-open identiteit van de locatie te respecteren.
Dit project past in een totaalvisie op duurzaamheid door stedelijke verdichting te combineren met respect voor het ecosysteem. Op milieugebied bevordert het de biodiversiteit door het gebruik van inheemse boomsoorten en een gedifferentieerd bodembeheer. Op sociaal vlak zorgt de opdeling in drie volumes ervoor dat de visuele doorkijk naar het Bois du Prince behouden blijft, waardoor de leefomgeving van de omwonenden wordt gerespecteerd. Toegankelijkheid staat centraal in het gebouw (zachte hellingen, liften) en de locatie, die is aangesloten op het openbaar vervoer en zachte mobiliteit (40 fietsen). Door de topografie te volgen zonder deze te verstoren, bewijst het project dat een hoge woonintensiteit het landschappelijk evenwicht kan versterken.
Dit project verdient een Architectura Award vanwege de voorbeeldige manier waarop het zachte verdichting tot een goed einde brengt. Door het programma op te splitsen in drie volumes met een getrapte vorm, vergroot het het woningaanbod en blijven tegelijkertijd de essentiële zichtlijnen naar het Bois du Prince behouden. De innovatie zit ook in het concept van het “geleende landschap”, waarbij biodiversiteit en waterbeheer via groene greppels niet langer decor zijn, maar structurele pijlers. Het is een treffend architecturaal antwoord dat bewijst dat stedelijke intensiteit de landschappelijke identiteit van een plek kan versterken in plaats van deze op brute wijze te vervangen.