51N4E, Tractebel & H+N+S winnen Open Oproep Knoop van Kessel-Lo met ontwerp voor glooiend parklandschap
De Open Oproep van Team Vlaams Bouwmeester voor de opmaak van een streefbeeldstudie en de volledige studieopdracht voor de aanleg van infrastructuur, landschap en publieke ruimte voor de Knoop van Kessel-Lo in Leuven werd gegund aan de tijdelijke maatschap 51N4E Acte/Tractebel Engineering, met H+N+S Landschapsarchitecten in onderaanneming. Hun voorstel schuift een opvallend ander perspectief naar voren op de complexe stationsomgeving: niet de verkeersknoop, maar een samenhangend parklandschap vormt er de centrale drager van het ontwerp. De ontwerpers willen de oostzijde van station Leuven transformeren tot een groene aankomstplek waar mobiliteit, verblijf en buurtleven in elkaar overvloeien.
Met het project wil het team meer doen dan louter infrastructuur reorganiseren. De ontwerpers benaderen de Knoop van Kessel-Lo als een strategische schakel tussen bestaande en toekomstige stadsdelen, regionale fietsverbindingen en nieuwe publieke ruimtes. Daarbij worden mobiliteit, ecologie, klimaatadaptatie en buurtontwikkeling geïntegreerd in één ruimtelijke visie. Het voorstel zet sterk in op ontharding, hergebruik van bestaande gebouwen en een leesbare publieke ruimte waarin voetgangers en fietsers centraal staan.
Van verkeersknoop naar parkruimte
De kern van het voorstel is de transformatie van de huidige infrastructuurzone tot een glooiend parklandschap dat zich uitstrekt langs de sporen en de Diestsesteenweg. De ontwerpers zien de site als een ontbrekende groene schakel tussen Park Belle-Vue, het toekomstige Spoorpark en de grotere landschappelijke structuren rond Leuven. Door infrastructuur in het landschap te integreren ontstaat een samenhangende publieke ruimte die tegelijk dienstdoet als verblijfsplek, ecologische corridor en klimaatbuffer.
Opvallend is hoe het reliëf van de site daarbij bewust wordt uitgespeeld. De hoogteverschillen worden niet weggewerkt, maar ingezet om terrassen, balkons, trappen, taluds en uitkijkpunten te creëren. Zo ontstaat een gelaagde publieke ruimte met verschillende sferen en perspectieven op de stad en de spooromgeving. Volgens de ontwerpers moet het park niet alleen functioneel zijn, maar ook “ademruimte” bieden in een dense stedelijke context waar infrastructuur vandaag domineert.
Fietsinfrastructuur als stedelijke ervaring
Een belangrijke rol in het ontwerp is weggelegd voor de nieuwe fiets- en voetgangerspasserelle over de Diestsesteenweg. In tegenstelling tot eerdere scenario’s wordt die brug niet gekoppeld aan de bestaande spoorbrug, maar als een autonome structuur in het landschap ingeplant. Daardoor ontstaat meer ruimte voor zichten over de sporen en kan de passerelle beter aansluiten op de omliggende publieke ruimte en het parklandschap.
De brug wordt bovendien ontworpen als meer dan een louter technische verbinding. Met brede wandelzones, balkons en geïntegreerde verblijfsplekken willen de ontwerpers van de passerelle een publieke ruimte maken die deel uitmaakt van de dagelijkse ervaring van de stationsomgeving. De houten balustrades lopen door in het landschap en versterken het idee van een continue parkruimte die zich over de infrastructuur heen uitstrekt. Tegelijk vormt de brug een cruciale ontbrekende schakel in het regionale fietsnetwerk rond Leuven.
Behoud en hergebruik als uitgangspunt
Opvallend in het voorstel is de uitgesproken keuze om bestaande gebouwen maximaal te behouden en te transformeren. Het voormalige Infrabelgebouw aan de noordzijde van de site wordt niet gesloopt, maar krijgt een nieuwe rol als “poortgebouw” en ontmoetingsplek. Het gebouw moet uitgroeien tot een herkenbaar stadsbalkon met publieke functies, een bar en ruimte voor evenementen, gekoppeld aan de nieuwe passerelle en het park.
Ook de bestaande ondergrondse autoparking wordt niet zomaar afgebroken. De ontwerpers stellen voor om die gefaseerd om te vormen tot fietsenstalling, zodat de infrastructuur kan meegroeien met de stijgende vraag naar fietsparkeren aan het station. Daarmee sluit het project aan bij een bredere evolutie waarin hergebruik en transformatie steeds vaker de basis vormen voor stedelijke ontwikkeling. Volgens het ontwerpteam biedt net het bestaande patrimonium kansen om duurzaamheid, identiteit en sociale meerwaarde met elkaar te verbinden.
Infrastructuurproject én buurtproject
Hoewel de Knoop van Kessel-Lo in essentie een groot infrastructuurproject is, proberen de ontwerpers tegelijk expliciet meerwaarde te creëren voor de omliggende buurten. De stationsomgeving wordt niet opgevat als een geïsoleerde mobiliteitsmachine, maar als een netwerk van straten, pleinen en doorsteken dat bestaande en toekomstige stadsdelen met elkaar verbindt. Daarbij is bijzondere aandacht voor de schaal van de buurt en voor de relatie met de Blauwputwijk en het Brugbergpad.
Het voorstel zet daarom sterk in op actieve plinten, groene doorsteken, kleinschalige publieke ruimtes en plekken voor ontmoeting. Lokale actoren zoals jeugdhuis Sojo, culturele initiatieven en buurtverenigingen worden expliciet meegenomen als mogelijke programmamakers van de toekomstige site. Ook collectieve moestuinen en informele verblijfsplekken moeten bijdragen aan een meer menselijke stationsomgeving. Volgens de ontwerpers kan de infrastructuurknoop zo uitgroeien tot een hefboom voor sociale en ruimtelijke stadsvernieuwing.
Klimaatadaptatie als ruimtelijke structuur
Klimaatadaptatie bepaalt mee de vorm van het nieuwe landschap. Door ontharding, infiltratiezones, wadi’s en waterbuffers te integreren in het parklandschap wil het team een robuust watersysteem uitbouwen dat inspeelt op hitte en extreme neerslag. Het reliëf van de site wordt daarbij gebruikt om regenwater zichtbaar op te vangen, te bufferen en vertraagd af te voeren.
Ook de beplantingsstrategie speelt daarin een belangrijke rol. Het park wordt opgebouwd uit verschillende tuinen met elk een eigen karakter en ecologische functie, waaronder een watertuin, ecologische tuin, rotsentuin, speltuin en moestuinlandschap. Die variatie moet niet alleen de biodiversiteit versterken, maar ook zorgen voor uiteenlopende vormen van gebruik en verblijf. De ontwerpers willen zo een stationsomgeving creëren die tegelijk klimaatrobuust, herkenbaar en sociaal aantrekkelijk is.
Een geïntegreerde en onderzoekende aanpak
Het voorstel valt ook op door de manier waarop het ontwerpteam de projectdefinitie kritisch benadert en verschillende uitgangspunten in vraag stelt. In de visiebundel legt het team sterk de nadruk op ontwerpend onderzoek, multidisciplinariteit en participatie. Verschillende scenario’s voor bruggen, fietsverbindingen en publieke ruimte werden onderzocht en afgewogen op ruimtelijke kwaliteit, kostprijs en technische haalbaarheid.
Die onderzoekende houding vertaalt zich ook in de voorgestelde methodologie voor het vervolgtraject. Het team wil werken met zogenaamde “knooptafels”, waarin overheden, mobiliteitsexperts, buurtbewoners en andere stakeholders samen rond concrete ontwerpopgaven werken. Via die geïntegreerde aanpak willen de ontwerpers vermijden dat de oorspronkelijke ambities onderweg verloren gaan. Zo willen ze bewaken dat de Knoop van Kessel-Lo niet alleen een efficiëntere mobiliteitsknoop wordt, maar vooral ook een nieuw stuk stad waar infrastructuur, landschap en dagelijks leven opnieuw met elkaar verbonden raken.