PROJECT. Paul Vermeulen over de Antwerpse Slachthuisbuurt: “Als je stilte en natuur zoekt, moet je soms in de stad zijn.”
Meer dan vijftien jaar na de sluiting van het Antwerpse slachthuis is de Slachthuisbuurt volop in transformatie. In een video-interview blikt architect Paul Vermeulen van De Smet Vermeulen Architecten terug op het masterplan dat hij samen met Palmbout Urban Landscapes uittekende. Volgens Vermeulen moest het project vooral het “ontbrekende deel” van Den Dam herstellen. “Den Dam is vele jaren lang een halve wijk geweest”, zegt hij. “Ons doel was om er terug een hele wijk van te maken.” Het masterplan moest de vroegere industriële enclave opnieuw verbinden met de omliggende buurt, via nieuwe straten, bouwblokken, pleinen en groen.
Volgens Paul Vermeulen was het belangrijk dat de nieuwe wijk zou aansluiten bij het bestaande karakter van de omgeving. Daarom vertrekt het plan vanuit robuuste bouwblokken, zoals die ook elders in Den Dam voorkomen. Tegelijk blijven de historische slachthuishallen behouden als markante ankerpunten in de wijk. Daar komen niet alleen woningen, maar ook ruimte voor werk, onderwijs en ontspanning. Vermeulen benadrukt in het gesprek ook het belang van de restaurants aan de Lange Lobroekstraat, die volgens hem opnieuw voor levendigheid moeten zorgen. “Met alleen wonen krijg je geen echte stadswijk”, klinkt het.
Groen als structurerend element
Groen speelt volgens Vermeulen een sleutelrol in het masterplan. “Wat er te weinig was in de buurt, was groen”, zegt hij. Daarom werd een netwerk van publieke ruimte uitgewerkt met het Lobroekplein en het buurtpark Kalverwei als centrale plekken. Dat park, verbonden met verschillende groene assen doorheen de wijk, noemt Vermeulen “het hart van de wijk”. De nieuwe woningen en straten worden bewust op die publieke ruimte georiënteerd, zodat ontmoeting en verblijf centraal komen te staan.
In het interview koppelt Vermeulen die aanpak aan een bredere visie op stedelijk wonen. Hij pleit voor een stad waar mensen niet alleen werken of uitgaan, maar ook comfortabel kunnen wonen en opgroeien. “Als je stilte en natuur zoekt, moet je soms in de stad zijn”, zegt hij. Volgens Vermeulen kan een compacte stadswijk net meer nabijheid, ontmoeting en kwaliteit bieden dan wonen in de rand. De Slachthuisbuurt moet daarom uitgroeien tot een gemengde stadswijk met plaats voor uiteenlopende bewoners, functies en vormen van gebruik.