Vi.architectuur.atelier combineert restauratie van De Zwarte Fles met nieuwbouw in claustra-metselwerk
Op het dorpsplein van Zwijnaarde heeft Vi.architectuur.atelier een transformatie voltooid van De Zwarte Fles, een historisch pand uit 1616. Het gebouw kende een bewogen geschiedenis als landhuis en later als café-restaurant. Door de jaren heen ging de architecturale kwaliteit gaandeweg verloren door verbouwingen die vooral gericht waren op het maskeren van ouderdomsschade. Zo was het oorspronkelijke karakter nagenoeg onzichtbaar geworden achter uitgebreide verharde terrassen die de volledige site omsloten voor buitenzitplaatsen. Met dit project krijgt het pand zijn residentiële uitstraling terug, aangevuld met een discreet kantoorvolume voor de eigen studio van de architecten.
De renovatie focuste op het blootleggen van de oorspronkelijke vormentaal en het herstellen van de eenheid met het dorpsbeeld. Historische kenmerken zijn nauwgezet gerestaureerd, terwijl de woning technisch is klaargemaakt voor de toekomst door de toevoeging van thermische isolatie aan de binnenzijde. Het buitenschrijnwerk werd volledig vervangen door hoogwaardige ramen en deuren die de oorspronkelijke raamproposities, het ritme en het historische kleurenpalet exact overnemen. Hierdoor herkrijgt de gevel zijn karakteristieke ritmiek die bepalend is voor de identiteit van het plein.
Een serene eenheid van kleur en materiaal
In het interieur is een rustige atmosfeer gecreëerd door het gebruik van minimale, natuurlijke materialen en aardse tonen. Belangrijke elementen uit het verleden, zoals het centrale haardvolume, bleven behouden en vormen nu een functioneel onderdeel van de nieuwe indeling. Ook de omgeving van het gebouw werd aangepakt; de massieve terrasverharding uit de caféperiode is verwijderd ten gunste van een intiemer landschap. De bestaande niveauverschillen in het terrein worden hierbij functioneel gebruikt om een natuurlijke grens te vormen tussen de private buitenruimte en de publieke weg, wat zorgt voor geborgenheid zonder de noodzaak van fysieke barrières zoals hoge muren of hekken.
Architecturale dialoog via claustra-metselwerk
Los van het historische hoofdgebouw is een nieuw kantoorvolume opgetrokken dat door zijn materiaalgebruik een bewuste ingetogenheid uitstraalt. De gevel is uitgevoerd in claustra-metselwerk, een techniek waarbij de stenen in een open verband zijn geplaatst. Deze opengewerkte schil fungeert als een filter voor zowel invallend zonlicht als voor de inkijk vanaf het plein. Hierdoor blijft de nieuwe studio visueel ondergeschikt aan het landhuis en wordt de historische woning niet overschaduwd. De raamopeningen liggen diep achter deze bakstenen huid, wat resulteert in een werkplek die naar binnen is gekeerd zonder het contact met de omgeving volledig te verliezen.
Tactiele verfijning en landschappelijke inbedding
Het kantoorvolume heeft een beperkte hoogte en een bescheiden footprint om de impact op de dorpskern te minimaliseren. De benedenverdieping bevindt zich ongeveer 120 centimeter onder het niveau van het plein en doet dienst als een betonnen plint voor de bibliotheek, vergaderruimtes en facilitaire voorzieningen. De werkplekken op de eerste verdieping zijn zo gepositioneerd dat ze gericht uitzicht bieden op het dorpsplein aan de voorzijde en een eeuwenoude magnoliaboom aan de achterzijde. Het gebruik van warm getint beton, zandgestraalde vloeren en details in roestvrij staal zorgt voor een samenhangende en tactiele architectuurtaal.