STEEN & BEEN. Brutaal goed (Filip Canfyn)
Onze huiscolumnist Filip Canfyn jubelt: de Sint-Ritakerk van Léon Stynen in Harelbeke, beschermd sinds 2016, wordt nu gerestaureerd. Dit brutalistisch meesterwerk, een afgeknotte piramide bovenop een onregelmatige zeshoek, krijgt zijn compromisloze betonnen ziel terug.
Ik heb jaren geleden in Léon Stynen, daden én woorden (09.10.18.) op deze website de Sint-Ritakerk (1962-1966) in Harelbeke “een toch wel buitensporige architectuurles, die zich voor velen verborgen houdt” genoemd. Ik ging nog verder: “een heerlijke sculptuur in bruut beton, een verticale vertaling van wat Juliaan Lampens later nog straffer zal heiligen, een epistel in alleen hoofdletters, dat zich lekker zonevreemd gedraagt in een propere Vlaamse woonbuurt maar dat een ongekend intiem binnenvolume biedt voor contemplatie en introspectie.” Inderdaad, mijn bewondering voor “deze brok pure ruimtelijkheid met een zeldzaam vitalisme” is zeer groot.
En toch zag Léon Stynen in het begin twee grote problemen. Primo, de setting. “Ik ben ter plaatse gaan zien en de bouwplaats viel tegen. Het was een lelijke plaats die helemaal niet geschikt was om er een kerk op te bouwen: ze was helemaal omgeven met huisjes van de wet-De-Taeye.” Inderdaad, Zandberg is een brave suburbane residentiële wijk maar gelukkig heeft de architect zich heerlijk brutaal gedragen. Secundo, zijn niet-kerkelijkheid. “Ik heb die opdracht aanvaard hoewel ik van een andere opinie ben, maar ik heb respect voor elke overtuiging. Le Corbusier, die ook niet gelovig was, heeft hetzelfde gedaan.” Zijn oervolume bekoorde alleszins de wélgelovigen, want de pastoor orakelde bij de inwijding: “Dit is een tent waar men God vindt.”
Binnenkort wordt een onderzoek rond de herbestemming van de Sint-Ritakerk afgesloten. Op vraag van de Vlaams Bouwmeester moeten vijf ruimtelijke ontwikkelingsscenario’s afgeleverd worden. In het studieteam zit ook Quinten Malfait, die naast een grappige websitenaam (cafaitmal.be) ook een boeiende masterproef rond die herbestemming op zijn actief heeft. Onder de noemer ‘OMG! Van God los’ gaat hij diepgaand in op de dubbele fragiliteit van ‘een huis van God’, dat zowel een religie als zingeving als een architectuur als waarde moet beschermen in tijden, die daar niet altijd wakker van liggen. (Op scriptiebank.be, onder “Kan de ‘architectuurpelgrim’ ons kerkelijk erfgoed redden?” kan deze heerlijke thesis geraadpleegd worden.)
Sint-Rita zou de heilige van de hopeloze gevallen moeten zijn maar Léon Stynen en Quinten Malfait hebben het tegendeel bewezen.