Argine maakt van Les Jardins d’Élise een bewoonde passage tussen straat en school

  • image
  • image
  • image
  • image
  • image
  • image
  • image

De Gemeente Elsene heeft het ontwerp van Argine, Sebastiaan Willemen en Stabico-Stir geselecteerd voor Les Jardins d’Élise aan de Elizastraat. Het project combineert de renovatie van twee bestaande woningen met drie sociale woningen, een jeugdhuis en een vernieuwde toegang tot Gemeenteschool nr. 12. De ingreep maakt deel uit van het Duurzaam Wijkcontract Klein Zwitserland en wil tegelijk de school zichtbaarder maken en nieuwe publieke ruimte creëren. Het gaat om een wedstrijdontwerp dat in de verdere uitwerking nog kan worden aangepast. 

De school ligt sinds haar opening in 1906 verscholen in het hart van het bouwblok. Die ligging was destijds bewust gekozen: door de school terug te trekken van de straat kon de gemeente de bouw van monumentale straatgevels vermijden. Vandaag resulteert dat in een nauwelijks herkenbare hoofdingang via een smalle, onbebouwde strook aan de Elizastraat. Het ontwerpteam beschouwt net die open ruimte als een belangrijke kwaliteit en houdt de nieuwe bebouwing daarom bewust beperkt.

Van restruimte naar publieke passage

In plaats van de schoolingang als een afzonderlijk gebouw te ontwerpen, organiseert het team de volledige ruimte tussen straat en school als een opeenvolging van straat, tuin, voorplein en schoolingang. De openbare ruimte wordt zo het bouwblok ingetrokken. Het centrale voorplein verdeelt de verschillende functies en vormt tegelijk een ontmoetingsplek voor leerlingen, ouders, buurtbewoners en gebruikers van het jeugdhuis. De eigenlijke schoolpoort verhuist verder het binnengebied in, tussen twee bestaande schoolpaviljoenen.

Ook de twee bestaande huizen aan weerszijden krijgen een nieuwe rol in die compositie. Hun voorheen blinde zijgevels worden volwaardige gevels aan de passage, zodat de toegang niet langer tussen achterkanten ligt. Bij nummer 98 krijgt de zijgevel grote openingen, een nieuwe bakstenen gevelafwerking en een klok die de publieke functie herkenbaar maakt. Nummer 102 behoudt een meer residentieel karakter. Lage platte daken en luifels verbinden de straatwoningen visueel met de paviljoenen achteraan en begeleiden de blik naar de nieuwe schoolpoort.

Een tuin als overgang

Het landschap versterkt de overgang van straat naar school. De bestaande bestrating van het voetpad wordt doorgetrokken in de passage, waar de voegen geleidelijk verbreden en vergroenen. Beplante zones, zitbanken en een centrale boom maken van de voormalige doorgang een kleine tuin en verblijfsplek. Het ontwerp voorziet daarnaast fietsenstallingen, beschutte wachtplekken en speelaanleidingen. Voor de publieke ruimte kiest het team onder meer voor lokale, gerecycleerde of circulaire materialen, zoals gerecycleerde natuurstenen kasseien en massief houten elementen voor banken, podia en randen.

De passage kan bovendien verschillende rollen opnemen naargelang het moment van de dag. Tijdens de schoolspits vormt het voorplein een veilige buffer tussen school en straat; daarbuiten kan het functioneren als publieke plek voor de buurt en de omliggende voorzieningen. De nieuwe gevels rond de passage vergroten de transparantie en het zicht op de publieke ruimte, wat volgens de ontwerpers ook de sociale controle moet versterken. Gerichte verlichting moet 's avonds een veilig gebruik mogelijk maken zonder de woningen onnodig te belasten.

Jeugdhuis tussen straat en school

Het jeugdhuis krijgt zijn plek op de gelijkvloerse verdieping van nummer 98 en loopt via een lichte uitbreiding door tot aan het bestaande paviljoen. De ruimtes liggen als een enfilade achter elkaar, zonder afzonderlijke gangen: aan de straat bevindt zich het kantoor, de keuken opent naar de tuin en de polyvalente zaal sluit rechtstreeks aan op het voorplein. Achteraan liggen de logistieke functies en toiletten. Die laatste krijgen een afzonderlijke toegang, zodat ze bij evenementen ook buiten de openingsuren van het jeugdhuis als publieke toiletten kunnen functioneren.

Boven en naast deze publieke functies komen drie sociale woningen. Nummer 102, dat eerder al werd gerenoveerd, wordt met beperkte structurele ingrepen opgesplitst in een studio op het gelijkvloers en een duplex erboven. Nummer 98 wordt grondiger aangepakt: de trap verhuist naar de straatzijde, waardoor de zijgevel kan worden geopend en de leefruimtes nieuwe oriëntaties en meer daglicht krijgen. De typische ruimtelijke opbouw van de Brusselse stadswoning blijft daarbij behouden, net als karakteristieke elementen zoals de bestaande schouwen.

Behouden, hergebruiken en aanpassen

Constructief vertrekt het ontwerp zoveel mogelijk van wat er al staat. De oorspronkelijke volumes van beide woningen en hun bestaande vloeren worden zoveel mogelijk behouden. De sterk aangetaste aanbouw van nummer 98 wordt wel afgebroken en vervangen door een lichte houtstructuur; ook de polyvalente zaal, luifels en fietsenberging worden in hout opgebouwd. Bakstenen uit de bestaande aanbouw kunnen worden hergebruikt voor nieuwe tuinmuren. Structuur, gevel, technieken en interieur worden bovendien als afzonderlijke lagen benaderd, zodat ze op verschillende momenten kunnen worden aangepast of vervangen.

Die langetermijnbenadering wordt aangevuld met een energie- en waterstrategie. Het ontwerp voorziet geothermische warmtepompen, lagetemperatuurverwarming, fotovoltaïsche panelen en ventilatiesystemen die op de verschillende functies zijn afgestemd. Een regenwaterput van 20.000 liter moet onder meer toiletten en groenvoorzieningen voeden, terwijl open voegen en lager gelegen plantvakken regenwater ter plaatse laten infiltreren. Zo koppelt het ontwerpteam een relatief bescheiden architecturale ingreep aan een grotere stedenbouwkundige ambitie: van een nauwelijks zichtbare schoolingang een groene, bewoonde publieke passage maken.

Bron Argine & BMA

  • Deel dit artikel

Onze partners